De impact van het pensioenakkoord: contracten

Wij zijn positief over het feit dat sociale partners en het kabinet onlangs tot een pensioenakkoord gekomen zijn. Bij de vakbonden en in de politiek is er breed draagvlak voor.

 

De hervorming moet leiden tot een meer toekomstbestendig pensioenstelsel dat:

  • beter aansluit bij de ontwikkelingen in de maatschappij en op de arbeidsmarkt;
  • pensioen meer inzichtelijk en persoonlijker maakt;
  • eerder perspectief biedt op een koopkrachtig pensioen voor alle generaties.

Met onze pensioenoplossingen staan wij naar onze mening uitstekend voorgesorteerd om concrete invulling te kunnen geven aan de twee mogelijke pensioencontracten van het nieuwe pensioenstelsel. Toch kunnen de plannen de nodige impact hebben voor onze deelnemers en onze regelingen, wij bereiden ons daarop voor en informeren u hierover graag.

De 2 nieuwe contracten: een oude bekende en een heel nieuw idee

Nieuwe mogelijkheden voor premieregelingen

In het nieuwe pensioenstelsel worden twee nieuwe pensioencontracten geïntroduceerd. Het eerste type contract is een uitbreiding van de huidige Wet verbeterde premieregelingen zoals die op dit moment op premieregelingen van toepassing is en waar de DC- regeling van Centraal Beheer APF aan voldoet. Het kabinet gaat onderzoeken of er aan dit contract mogelijkheden kunnen worden toegevoegd om risico’s te delen tussen opbouw- en uitkeringsfase en met toekomstige generaties.

Alternatief voor de huidige uitkeringsregelingen

Ten tweede komt er een contract op basis van een ambitie-overeenkomst. In een ambitie-overeenkomst worden er geen aanspraken toegezegd maar wordt er een met een toegezegde premie een bepaalde uitkering nagestreefd. Om toegezegde pensioenen ook in slechte tijden te kunnen uitkeren moeten in het huidige contract verplicht buffers worden opgebouwd en aangehouden. De afgelopen jaren is gebleken dat ook met buffers toegezegde aanspraken niet kunnen worden gegarandeerd. Daarnaast mogen pensioenen alleen worden geïndexeerd indien er voldoende buffer aanwezig is. Het nieuw pensioencontract kent geen “harde” toezeggingen en daarmee zijn buffers niet noodzakelijk. In plaats daarvan worden jaarlijks de mee- en tegenvallers als gevolg van beleggingsresultaten en stijgende levensverwachting jaarlijks direct toebedeeld aan de deelnemers. Deze resultaten mogen over maximaal 10 jaar worden gespreid.

Deze systematiek van resultaat delen wordt bij Centraal beheer APF momenteel al toegepast voor de uitkeringsfase van de variabele uitkering binnen onze DC-kring. Dit nieuwe contract is eveneens een premieregeling, maar in dit contract worden de risico’s ook in de opbouwfase collectief gedeeld. In beide premieregelingen komen rendementen directer beschikbaar voor de opbouw van pensioenaanspraken en niet voor het aanvullen van buffers.

Schokken kun je spreiden

Het tweede nieuwe contract is bedoeld als alternatief voor uitkeringsovereenkomsten. Dat betekent dat het mogelijk gaat gelden voor de pensioenregelingen binnen de DB-kringen van het Centraal Beheer APF. Hoe werkt het collectief delen van resultaat in de praktijk? Uitgangspunt van het tweede contract is een dekkingsgraad van 100%. In dit nieuwe contract worden dan jaarlijks de overschotten of tekorten vertaald naar een gefaseerde verhoging of verlaging van de pensioenaanspraak en de pensioenuitkering. Schokken mogen over maximaal 10 jaar worden gespreid. Zowel het spreiden van mee- en tegenvallers voor deelnemers en pensioengerechtigden ten tijde van de schok als risicodeling met toekomstige deelnemers wordt mogelijk gemaakt.

Zodra de details bekend zijn en de consequenties hiervan voor de pensioenregelingen binnen Centraal Beheer APF duidelijk zijn, kunnen wij aan de slag om de gevolgen van de aanstaande hervormingen voor uw regeling in kaart te brengen. We houden u op de hoogte!

De impact van het pensioenakkoord: contracten
1 stem(men)

NAAR BOVEN