Een nieuw pensioenstelsel dat beter voorbereid is op de toekomst
Het nieuwe pensioenstelsel komt voort uit het pensioenakkoord van juni 2019, dat werd gesloten tussen de regering en vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers. Dit akkoord heeft tot doel het pensioenstelsel te hervormen en een pensioensysteem te creëren dat beter voorbereid is op de toekomst en meer afgestemd is op het individu.
Wet toekomst pensioenen ingegaan op 1 juli 2023
Op 1 juli 2023 is de Wet toekomst pensioenen (Wtp) ingegaan. Dit betekent dat werkgevers en vertegenwoordigers van (ex-) werknemers nu praten over de overstap naar het nieuwe pensioenstelsel en welke keuzes daarbij te maken.
Enkele belangrijke punten van het nieuwe pensioenstelsel:
Premiepercentage blijft hetzelfde, maar pensioenopbouw verandert met leeftijd
In het nieuwe pensioenstelsel wordt voor alle werknemers hetzelfde premiepercentage betaald, ongeacht hun leeftijd. Dit was ook in het oude stelsel vaak het geval. Maar er is een verschil in hoe het pensioen wordt opgebouwd. In het oude stelsel was de opbouw hetzelfde voor alle leeftijden, maar in het nieuwe stelsel hangt de opbouw af van je leeftijd. Jongere werknemers bouwen meer pensioenvermogen op voor elke euro premie die voor hen wordt ingelegd dan oudere werknemers. Dat komt doordat jongeren meer tijd hebben om hun pensioenvermogen te laten groeien door beleggingen en rendement. Hierdoor krijgen zij naar verwachting meer pensioen voor hun inleg.
Het nieuwe pensioenstelsel kent alleen een premie-regeling
Het systeem waarbij de hoogte van het pensioen vaststaat, zoals bij een eind- en middelloonregeling (uitkeringsregeling), ook wel DB-regeling genoemd (defined benefit), is niet meer mogelijk in het nieuwe pensioenstelsel. Er is straks alleen nog maar een premieregeling, ook wel DC-regeling (defined contribution) genoemd.
Er zijn twee type premieregelingen binnen het nieuwe pensioenstelsel: SPR en FPR
- De solidaire premieregeling (SPR) met een persoonlijk pensioenkapitaal per deelnemer, maar waarbij een deel van het pensioengeld gedeeld kapitaal is van alle deelnemers.
- De flexibele premieregeling (FPR), met alleen een persoonlijk pensioenkapitaal per deelnemer en er geen gedeeld kapitaal van alle deelnemers is.
Werkgevers moeten samen met de vertegenwoordigers van hun (ex-) werknemers een keuze uit deze twee premieregelingen maken.
De nieuwe regels zorgen ervoor dat je pensioen kan meebewegen
In het nieuwe pensioenstelsel kunnen pensioenen sneller reageren op de economie. De nieuwe regels zorgen ervoor dat het pensioen meebeweegt: als het goed gaat met de economie, dan kan uw pensioen eerder omhoog. Gaat het economisch slechter? Dan kan het pensioen ook omlaag gaan.
In het nieuwe pensioenstelsel wijzigt het nabestaandenpensioen
Het nabestaandenpensioen (partner- en wezenpensioen) bij overlijden voor de pensioendatum wordt afhankelijk van het salaris en is niet langer afhankelijk van de diensttijd bij een werkgever. Dit past beter, nu werknemers niet meer hun hele leven bij dezelfde werkgever werken, maar vaker van baan wisselen of gaan ondernemen.
Uiterlijk op 1 januari 2028 gaan wij over op het nieuwe pensioenstelsel
Onder verantwoordelijkheid van de werkgever moet in overleg met de vertegenwoordigers van de (ex-) werknemers een transitieplan worden opgesteld. Dit transitieplan moet vóór 1 juli 2024 bij Centraal Beheer APF worden ingediend. In het transitieplan wordt de overgang naar de nieuwe pensioenregeling vastgelegd en toegelicht. De nieuwe premieregeling moet uiterlijk 1 januari 2028 ingaan.
Transitieplan niet in alle situaties nodig
Bent u deelnemer in een beschikbare premieregeling (DC-regeling) die voor 1 juli 2023 in werking is getreden en wordt door uw werkgever gebruik gemaakt van het overgangsrecht? Dan is een transitieplan niet nodig. Wel moet uiterlijk 1 januari 2028 uw nabestaandenpensioen voldoen aan de regels van het nieuwe pensioenstelsel.